Noordelijke ondernemers omarmen innovatie › Campus Groningen

Noordelijke ondernemers omarmen innovatie

Noordelijke ondernemers omarmen innovatie

Noordelijke ondernemers omarmen innovatie

vr, 12 juli 2019

Het Noord-Nederlandse midden- en kleinbedrijf (mkb), ook op Campus Groningen, heeft in 2018 volop geïnnoveerd. Dat blijkt uit cijfers van de Noord-Nederlandse Innovatiemonitor 2019 van de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) en het Samenwerkingsverband Noord-Nederland. Er is in 2018 aanzienlijk meer geïnvesteerd in onderzoek & ontwikkeling binnen bedrijven en er is ook meer gebruikgemaakt van disruptieve technologieën zoals sensortechnologie en kunstmatige intelligentie. Deze ontwikkelingen sorteren bovendien zichtbaar effect: innovaties die nieuw zijn voor de markt vormen een steeds belangrijker deel van de omzet van ondervraagde bedrijven. De cijfers zijn op 11 juli officieel gepresenteerd.

Ook op Campus Groningen is deze ontwikkeling te merken. In 2018 werd de Campus als de snelst groeiende Campus van Nederland met een grote toename aan bedrijven, banen en innovatieve producten en diensten.

Toegenomen aandacht voor innovatie

"Het zijn cijfers waar noordelingen trots op mogen zijn en die aangeven dat er een mooie toekomst in het verschiet ligt", zegt dr. Thijs Broekhuizen, universitair hoofddocent aan de RUG en coördinator van de Noord-Nederlandse Innovatiemonitor. "En het belangrijkste wapenfeit: het jaar 2018 is niet zomaar een uitschieter. De toegenomen aandacht voor innovatie in het Noorden is structureel." Ook gedeputeerde Patrick Brouns van de provincie Groningen is blij met de resultaten van de Innovatiemonitor: "We hebben de afgelopen jaren vanuit de overheden veel ingezet op ondersteuning van het noordelijk mkb. Het is mooi te zien dat dit zijn vruchten afwerpt."

Een positieve trend in innovatieprestaties en -activiteiten

In de afgelopen vier jaar heeft de Noord-Nederlandse Innovatiemonitor jaarlijks gekeken naar de innovatiekracht van het mkb. Daarbij is onder meer in kaart gebracht welk aantal bedrijven zelf investeert en innoveert (koplopers), wat het percentage van de omzet is dat wordt geïnvesteerd in onderzoek & ontwikkeling en welk percentage van de omzet afkomstig is uit innovatieve producten of diensten die nieuw zijn voor de markt (radicale innovaties). Het aandeel koplopers is toegenomen van 45% in 2015 tot 54% in 2018. Het belang van nieuwe producten en diensten neemt steeds verder toe: in 2018 werd zelfs meer dan een kwart van de omzet gerealiseerd uit radicale innovatie.

Disruptieve technologieën

In vergelijking met 2017 is er in 2018 tevens een duidelijke toename zichtbaar in het percentage bedrijven dat actief bezig is met disruptieve technologieën. De ondernemers maken het vaakst gebruik van sensortechnologie (39%), gevolgd door Internet of Things (34%), Big Data (28%), Robotisering (20%) en Artificial Intelligence & Machine/Deep Learning (17%). Aanvullende analyses laten zien dat het gebruik van deze disruptieve technologieën niet direct tot een hogere winstgevendheid leidt. Dat er toch geïnvesteerd wordt, geeft aan dat ondernemers durven te experimenteren en zich voorbereiden op een veranderende toekomst.

Van digitalisering naar digitale transformatie

In de Noord-Nederlandse Innovatiemonitor 2019 zijn de ondernemers ook bevraagd naar digitalisering en digitale transformatie. Veel mkb’ers hebben hun interne processen al succesvol digitaal geoptimaliseerd en daarmee kostenbesparingen gerealiseerd, maar een puur interne blik kent zijn grenzen. Elke extra euro geïnvesteerd in digitalisering levert steeds minder op. "Het is net zoals het verminderen van CO2 uitstoot in het productieproces, dat wordt steeds lastiger", aldus Broekhuizen. "Om de volgende stap te nemen en digitaal te transformeren, is een nieuwe manier van denken nodig: hoe kan de digitale technologie zo ingezet worden dat het meerwaarde creëert voor de klant en het businessmodel verbetert?” Hiervoor is specialistische kennis nodig in de vorm van een digitaal specialist of team. Bedrijven die deze specialisten in huis hebben, zijn wél in staat om digitaal te blijven verbeteren. 

Bron artikel en copyright afbeelding: snn.nl