Waarom wordt de één ziek en de ander niet?

Waarom wordt de één ziek en de ander niet?

Waarom wordt de één ziek en de ander niet?

Vijftig tinten grijs. Het verband tussen genetische foutjes en het ontstaan van ziektes blijkt lang niet zo zwartwit als we altijd gedacht hebben. Genetica Cisca Wijmenga, verbonden aan het Universitair Medisch Centrum Groningen, zoekt uit hoe het kan dat de één wel ziek wordt en de ander niet, ondanks dezelfde genetische afwijking.

De nobelprijs voor de Nederlandse wetenschap wordt ie wel genoemd, de Spinozapremie. Professor humane genetica Cisca Wijmenga ontving hem in 2015. Vooral vanwege haar baanbrekende onderzoek naar glutenintolerantie en de genetische factoren die bij die ziekte een rol spelen. De premie van twee en een half miljoen euro zet ze in om erachter te komen waarom genetische foutjes niet per se tot die ziekte leiden.

,,We weten daar nog heel weinig over. Maar het is wel hoopvol vind ik. Kennelijk hebben sommige mensen een soort beschermingsmechanisme tegen die genetische foutjes die bij anderen ziekten veroorzaken. Niet iedereen met overgewicht krijgt suikerziekte. Als we kunnen ontdekken hoe dat mechanisme werkt, dan kunnen we die kennis ooit inzetten om mensen te helpen die wél ziek worden.’

Groningen het walhalla

Voor een genetica in Nederland, is Groningen het walhalla. Het project Lifelines volgt decennia lang de fysieke toestand van 167.000 mensen. ,,Dat is uniek, de kip met de gouden eieren. Voor mijn onderzoek moet je mensen heel lang in beeld houden, om te zien wanneer genetische verschillen tot problemen leiden. Omdat we zo veel parameters van die groep van Lifelines hebben, kunnen we dan ook iets zeggen over het hoe en waarom. Dit onderzoek kan nergens anders in dit land.’’

Het fundamentele onderzoek dat Cisca Wijmenga doet, voelt soms als een sprong in het diepe, als tasten in het duister. ,,Ik vergelijk het wel eens zo: je moet van A naar B. Maar een routekaart heb je niet, en hoe B er uitziet, weet je ook niet. Dus maak je je eigen hulpmiddelen om de route te vinden. Soms ga je even verkeerd, maar uiteindelijk kom je er. En onderweg heb je allerlei nieuwe dingen ontdekt.’’

Genetica in kinderschoenen

Ooit. Zo gaat dat met fundamenteel onderzoek. Je kunt niet vandaag iets ontdekken en er morgen  een medicijn van maken. Maar zonder fundamenteel onderzoek ontdek je niets. ,,Zeker op het terrein van de genetica moeten we nog heel veel in kaart brengen. Het is nog niet zo lang geleden dat we voor het eerst het menselijk genoom in zijn geheel hebben uitgeschreven. Dit onderzoeksgebied staat in wezen nog in de kinderschoenen.’’

Dat is mooi. Want dan kun je pionieren. En dat is wat Cisca Wijmenga het liefst doet. Die instelling bracht haar wetenschappelijke doorbraken, prijzen en de befaamde premie. Een witte onderzoeksjas heeft ze zelf niet veel meer aan trouwens. ,,Daar heb ik tegenwoordig mijn mensen voor. Maar als zij iets ontdekken, dan is het Eurekamoment net zo groot als vroeger, toen ik zelf in het laboratorium experimenteerde."

Poeptransplantatie

Wat hebben die bacteriën nou met genetica te maken? Alles. Je DNA bepaalt namelijk deels welke bacteriën er in je darmen kunnen leven. En dat verschilt dus van mens tot mens. ,,Ook dit is een terrein waar we nog heel veel onderzoek moeten doen voordat we echt snappen hoe het werkt. We weten bijvoorbeeld dat poeptransplantatie helpt om mensen van aandoeningen af te helpen. Maar hoe dat precies kan, dat weten we niet. Nog niet.’’

Ze komen er wel achter, in Groningen. Dankzij Lifelines en de samenwerking met alle partijen die zich bezig houden met Healthy Ageing. De rijksuniversiteit, de Hanzehogeschool, het Universitair Medisch Centrum, gemeente, provincie, tal van particuliere partijen. ,,Wat in Groningen gebeurt, is uniek. We hebben hier de afgelopen jaren ongekend veel ontdekt.’’

Lifelines

Elke vijf jaar worden 167.000 inwoners van Noord-Nederland medisch onderzocht. Tussendoor houden zij vragenlijsten bij. Dertig jaar lang worden deze mensen, opgedeeld in drie generaties, gevolgd. Dat levert een ongekende hoeveelheid data op waarvan onderzoekers gebruik kunnen maken om een wereld aan nieuwe ontdekkingen te doen.